Assertiviteitstest

Je zit in de tuin te genieten van de zon. Plotseling zetten de buren de radio nogal hard aan. Wat doe je?
Je staat in de rij voor de kassa en er dringt iemand voor. Wat doe je?
Je loopt in de winkelstraat en twee meiden van 16 kijken je giechelend aan. Wat denk je, of wat doe je?
Je zit bij een vergadering. Je hebt een belangrijk punt om in te brengen in het onderwerp dat op dat moment besproken wordt. Hoe pak je dit aan?
Je komt thuis en je partner heeft de was niet opgehangen, terwijl dit wel afgesproken was. Wat zeg of doe je?
Een goede vriend vertelt je dat hij het vervelend vond dat je zo afwezig reageerde toen hij vertelde dat hij een nieuwe baan heeft. Wat doe of denk je?
Je bent boos op je moeder. Ze heeft voor de derde keer een afspraak kort van tevoren afgezegd. Wat doe of zeg je?
Na een ziekenhuisoperatie mag je niet autorijden, maar je moet natuurlijk wel thuiskomen. Je hebt dan begeleiding nodig. Hoe pak je het aan?
Je komt op een verjaardag waar je niemand kent. Wat doe of denk je?
Iemand zegt iets naars over je op Facebook. Wat doe je?
Een goede vriend is net verhuisd. Hij vraagt je op het laatste moment om te komen helpen klussen, maar dat komt absoluut niet uit. Wat doe je?