Sla navigatie over

Coördinatiepunt Complexe Zorg

HET COÖRDINATIEPUNT COMPLEXE ZORG RICHT ZICH OP DE HULPVERLENING AAN MULTIPROBLEEMHUISHOUDENS (MPH)

 

Multiprobleemhuishoudens zijn volledige of onvolledige gezinnen - met of zonder kinderen - en alleenstaanden met een zelfstandige huishouding, die belast zijn met complexe en meervoudige problematiek .

 

Een problematiek is complex en meervoudig wanneer:

  • er gelijktijdig 3 of meer problemen op vitale levensgebieden zijn;
  • de problemen op elkaar ingrijpen, elkaar beïnvloeden en elkaar versterken;
  • de problemen ernstig, langdurig en weerbarstig van aard zijn;
  • de problemen voor een deel wortelen in vorige generaties;
  • een geschiedenis bestaat van mislukte uiteenlopende hulpverlening;
  • er vaak hulpmijdend gedrag aanwezig is.
  • de regie over het eigen leven (grotendeels) ontbreekt.

Functie van het Coördinatiepunt

Juvans regisseert en bewaakt de samenhang in de (deel)arrangementen en de afspraken met de samenwerkingspartners. Daar waar sprake is van verslaving, psychiatrische problematiek, lichamelijk en/of verstandelijke beperking voert  Juvans de regie in het proces van toeleiding van een MPH naar de competente instellingen, maakt afspraken over taakverdeling en terugkoppeling en blijft een sturingsfunctie vervullen.

DE WERKWIJZE

Aanmeldingsprocedure

In het kader van het wijkgericht werken en de bekende korte lijnen in de  samenwerking, kunnen MPH-cliënten zoals gebruikelijk direct bij het maatschappelijk werk in de buurt worden aangemeld. Instellingen die te maken krijgen met een MPH-situatie en geen directe lijnen hebben met maatschappelijk werk, kunnen zich meteen aanmelden bij de coördinator van het Meld- en Coördinatiepunt. Dit kan gezien worden als een aanvulling op de bestaande  instroomkanalen, voor instanties die hun signalen, vermoedens, overwegingen, eigen inschattingen, (hulp)vragen willen bespreken.

De coördinator heeft de volgende taken:

  • analyse en screening van MPH met de aanmeldende instantie;
  • uitzetten van de hulpverlening zowel intern naar een maatschappelijk werker als extern naar de andere samenwerkingspartners;
  • helder communiceren en afspreken met instanties wat het hulpverleningsaanbod en hulpverleningsplan is;
  • consultatie, zowel intern als extern;
  • complexe zorg aansturen c.q. helpen aansturen;
  • inzicht verkrijgen met betrekking tot achterliggende structurele of maatschappelijke problemen en ontwikkelingen, die de context van het systeem beïnvloeden.

Uitvoering hulpverlening

MPH worden gekenmerkt door een complex netwerk van beïnvloedingen. De hulpverlener moet in het hulpverleningsplan en de uitvoering ervan rekening houden met een grote hoeveelheid aan informatie en is aangewezen op een goede samenwerking met anderen (maatwerk). Het aandeel van elke betrokken organisatie zal expliciet omschreven worden in een arrangement en in alle gevallen zal duidelijk moeten zijn welke organisatie de regie voert op dat arrangement. Het tot stand brengen van het hulpverleningsplan en de arrangementen gebeurt in samenspraak met het cliëntsysteem.

Nazorg

Bij beëindiging van de hulpverlening worden de afspraken ten aanzien van afronding en nazorg vastgelegd. Hierin moet duidelijk zijn hoe en bij wie de cliënten de (eventueel) nodige ondersteuning kunnen (blijven) vragen. De gemaakte afspraken ten aanzien van de nazorg worden teruggekoppeld naar alle samenwerkende organisaties.

 

Het kernteam complexe zorg bestaat uit:

  • Algemeen Maatschappelijk Werk (AMW)
  • Jeugdpreventieprogramma (JPP)
  • Gezinsinterventieteam (GIT)

De methodiek, kwaliteit en deskundigheid wordt op peil gehouden in de expertisegroep complexe zorg.


Hulpverlening aan multiprobleem- huishoudens